BTW

Boom, 18/03/2013

 B.T.W.


De B.T.W.-vrijstelling welke in het Wb-B.T.W. is uitgewerkt betreft in principe uitsluitend de prestaties welke verband houden met de medische verzorging van patiënten.De zogenaamde diagnostische en therapeutischeprestaties.

Deze vrijstelling is verwoord in de bepalingen van art.44§1,2° Wb-B.T.W.”Van de belasting zijn vrijgesteld,de diensten door de nagenoemde personen verricht in de uitoefening van hun geregelde werkzaamheid:artsen,tandartsen,kinesitherapeuten,vroedvrouwen,verplegers en verpleegsters,verzorgers en verzorgsters,ziekenoppassers en ziekenoppassters,masseurs en masseuses van wie de diensten van persoonsverzorging zijn opgenomen in de nomenclatuur van de geneeskundige verstrekkingen”.

Een zich ontwikkelende Europese rechtspraak maakt dat deze algemene vrijstelling beperkter dient uitgelegd te worden.Diverse arresten van het Hof v/Justitie wijzen in die richting.Zij kwalificeren prestaties die geen therapeutisch doel hebben niet onder dit vrijstellingsmechanisme.Immers,volgens het HvJ.moeten B.T.W.-vrijstellingen strikt worden uitgelegd.

Vanuit deze invalshoek kan dan ook geponeerd worden dat prestaties,verricht door voornoemde categorieën van zorgenverstrekkers,in de mate zij geen therapeutische draagwijdte hebben aan B.T.W. onderworpen moeten worden,bijvoorbeeld het afleggen van medische verklaringen over de gezondheidstoestand van een persoon,het opstellen van een deskundigenrapport,...

Vraag is op welke wijze de F.O.D.-Financiën deze striktere interpretatie vanuit de Europese rechtspraak naar de toekomst zal toepassen.

Momenteel lijkt het erop dat de Administratie een gedoogbeleid zou hanteren ter zake van deze materie...